Hoi allemaal, ik ben Matroesjka, mooie naam hé. Ik ben geboren rond 11 juli, ik ben geboren als vleeskuiken. Toen ik uit het ei kwam, werd ik met veel andere kuikens in een krat gestopt, met allemaal kratten met kuikens erin op elkaar, tot zover mijn ogen reikten. We werden gereden naar een gebouw en daar werd de krat met ons erin geleegd. Dit was ons huis. We hadden elkaar om tegenaan te kruipen. Het was er heel licht en we kregen veel eten. Dat is fijn, want we hebben altijd honger. We wensten ze graag om op avontuur te gaan. Maar onze pootjes waren pijnlijk en we hadden ook spierpijn. Daarom liepen we niet graag. We werden snel groot, heel groot!
Opeens kwamen er onbekende mensen met grote kratten naar binnen. Iedereen om me heen werd aan de pootjes vastgepakt en in de kratten gegooid. Ik ook! Mijn pootjes deden pijn! Ik weet niet hoe het gebeurde, maar ineens vloog ik uit de krat en liep ik snel in een hoekje. De mensen gingen door met kuikens in kratten gooien totdat niemand meer er was. Behalve ik. Ik bleef alleen achter.
Er kwam weer een mens binnen. Hij maakte alle verse en droge poep en rommel schoon. Hij kwam dichtbij en ik moest piepen. Hij pakten mij op en nam mij mee. Ik kwam ergens terecht waar het anders was. Er waren kleine mensen die me aaiden, Ik had ineens water in een bakje, dat was makkelijk drinken. Ze praatten tegen mij en ik praatte natuurlijk terug. Maar als het donker was, had ik het heel koud. Dan trilde ik van de kou. En ik miste mijn vriendjes.
Als snel kwam een andere mens en die nam mij mee. Die praatte veel met mij, met zachte geluidjes. Dat vond ik leuk. Die had ook allemaal nieuw eten voor me, soms heel lekker, soms echt wennen. Ze doen mijn geluidjes na en dat vind ik heel leuk. Het is er altijd lekker warm. Ik ontmoet steeds leuke nieuwe mensen en ik heb al heel wat andere kippen ontmoet. Ik kan heerlijk stofbaden, dat is helemaal fantastisch. Soms mis ik een ander kuiken om lekker bij te gaan liggen, dat wel.
Matroesjka is er één van de 500.000. Een van de 500.000 kuikens die in drie stallen werden gehouden en werden vetgemest voor de slacht. Toen ze 6 weken oud waren, werden alle kuiken afgevoerd naar de slacht. Behalve Matroesjka. Matroesjka ontsnapte en verstopte zich. Een medewerker van dat bedrijf kwam de stal schoonmaken en vond het kuiken. Hij nam haar mee naar huis en zijn kinderen noemden haar Matroesjka. Ze aaiden haar en vonden haar lief. Dat kan ook niet anders, want Matroesjka is een engeltje. Een grappig lief engeltje. Net als de anderen die als kipfilet in de supermarkt dood in verpakkingen liggen. Matroesjka had het koud, 's nachts in de tuin. Ze trilde. Haar redder vond dat zielig en belde Red een Legkip, of ze daarheen mocht. Zo hebben wij Matroesjka mogen ophalen. Ze had blauwe plekken en wondjes op de poten, daaruit kunnen we opmaken dat ze in de krat werd gegooid maar daaruit is ontsnapt. We genieten elke dag van de interactie met Matroesjka en van haar ontwikkeling. Ze is een prachtige persoonlijkheid.

















Sponsor Matroesjka